Gendergerelateerd geweld tegen vrouwen, waaronder femicide, is een groot maatschappelijk probleem. Het kabinet zet zich in om gendergerelateerd geweld tegen vrouwen te voorkomen: van preventie tot strafrechtelijke aanpak. Op 7 juni 2024 is het plan van aanpak ‘Stop Femicide!’ met de Tweede Kamer gedeeld. Verschillende veldpartijen en organisaties hebben daaraan meegewerkt. In het plan van aanpak staat dat het kabinet extra wil inzetten op de rol van mannen bij het voorkomen van gendergerelateerd geweld, en in het bijzonder femicide, door middel van een ‘integrale mannenalliantie’.

Een effectieve aanpak van gendergerelateerd geweld tegen vrouwen, waaronder femicide, vereist het betrekken van mannen. Mannen vormen het merendeel van de plegers van gendergerelateerd geweld. Bovendien vormen mannen ongeveer de helft van de samenleving, waardoor zij een essentiële en positieve rol hebben in het bevorderen van gendergelijkheid en het tegengaan van schadelijke opvattingen en gedrag. De rol van mannen is van belang bij het voorkomen van gendergerelateerd geweld tegen vrouwen, maar zij kunnen zelf ook last hebben van schadelijke gendernormen. Gendernormen en verwachtingen hebben namelijk ook invloed op de levensomstandigheden en leefomgeving van mannen en daarmee op hun uitdagingen, kansen, gedrag en vrijheden.

Met deze subsidieregeling wordt een alliantie gefaciliteerd. Het doel is dat mannen, en in het bijzonder opvoeders, een bijdrage leveren aan het voorkomen, signaleren en bestrijden van gendergerelateerd geweld tegen vrouwen, en in het bijzonder femicide.

Voor wie

Deze subsidie is beschikbaar voor een alliantie van meerdere organisaties. Een penvoerder vraagt de subsidie aan.

  • Heeft het plan van aanpak alleen betrekking heeft op Europees Nederland? Dan bestaat het samenwerkingsverband uit minimaal 2 en ten hoogste 5 organisaties.
  • Heeft het plan van aanpak ook betrekking op Caribisch Nederland?
    • Dan kan de alliantie uit maximaal acht organisaties bestaan. De 3 aanvullende organisaties moeten aantoonbare kennis van en ervaring met de lokale context in Caribisch Nederland hebben. Deze organisaties zijn bij voorkeur gevestigd in Caribisch Nederland.
  • Om mee te doen moet een organisatie aan deze voorwaarden voldoen:
    • De organisatie is een privaatrechtelijke rechtspersoon of universiteit. 
    • Vanaf het moment van de subsidieaanvraag heeft de organisatie minimaal 3 jaar gewerkt aan het bevorderen van gendergelijkheid of het voorkomen van gendergerelateerd geweld tegen vrouwen. Deze voorwaarde geldt niet voor organisaties die gevestigd zijn in Caribisch Nederland.
    • De organisatie heeft ervaring met de rol van mannen of met het betrekken van mannen bij het bevorderen van gendergelijkheid of het voorkomen van gendergerelateerd geweld tegen vrouwen.

De organisaties die de alliantie vormen, sluiten een samenwerkingsovereenkomst. De alliantie moet gebruikmaken van de modelovereenkomst.

Plan van aanpak

De aanvraag moet voldoen aan de beoordelingscriteria die zijn opgenomen in bijlage 1. Het plan van aanpak bevat in ieder geval een uitwerking van de volgende activiteiten.

Bewustwordings- en gedragsinterventies (online en offline) gericht op:

  • Het herkennen, bevragen en bespreekbaar maken van gendernormen, stereotypen en opvattingen die bijdragen aan gendergerelateerd geweld tegen vrouwen.
  • Het bevorderen van alternatieve positieve opvattingen over gender, gelijkwaardigheid en gezonde relaties.
  • Het bevorderen van duurzame gedragsverandering.
  • Aandacht voor online subculturen waarin schadelijke gendernormen worden verspreid.

Interventies en trainingen voor mannen in de rol van omstander of potentiële pleger gericht op: 

  • Het herkennen van en ingrijpen bij seksisme en schadelijke gendernormen.
  • Het tijdig herkennen van en ingrijpen bij signalen van gendergerelateerd geweld tegen vrouwen, waaronder rode vlaggen voor femicide.
  • Zoeken van hulp en ondersteuning wanneer mannen deze signalen bij zichzelf of anderen herkennen.

Bevorderen van pleger- en systeeminterventies en deskundigheidsbevordering door middel van:

Na 2 en 4 jaar wordt een overzicht van de kennisontwikkeling en aanbevelingen opgesteld.

Dit overzicht bevat in ieder geval:

  • De opgedane kennis over de wijze waarop mannen op een effectieve manier kunnen bijdragen aan het voorkomen, signaleren en bestrijden van gendergerelateerd geweld tegen vrouwen, en in het bijzonder femicide.
  • Aanbevelingen voor gemeenten, de landelijke overheid, organisaties en andere relevante betrokkenen over het effectief en structureel vormgeven van een aanpak gericht op de rol van mannen.

Het plan van aanpak bevat ook:

  • Een gedetailleerde beschrijving van de manier waarop de activiteiten bijdragen aan het subsidiedoel.
  • Een activiteitenplanning met daarin de start- en einddatum van het project.
  • Een uitgewerkt overzicht van realiseerbare activiteiten in de projectperiode waarin in ieder geval fasering, mijlpalen en beoogde tussentijdse resultaten en eindresultaten worden opgenomen.

Schrijfhulp

Bij het schrijven van het plan van aanpak moet u gebruikmaken van de schrijfwijzer voor het plan van aanpak als schrijfhulp. Dit format kunt u gebruiken om uw activiteitenplan te schrijven. Het format is momenteel nog niet beschikbaar op deze website. Binnenkort kunt u het via deze pagina raadplegen.

Het activiteitenplan mag voor de laatste 2 jaren op hoofdlijnen worden beschreven. Dit vult u, als u de subsidie ontvangt, later aan. U kunt een uitgebreidere uitleg van de activiteiten vinden in de toelichting bij de regeling.

Begroting

U moet ook een begroting indienen. Deze begroting werkt u voor de eerste 2 jaren op detailniveau uit en voor de laatste 2 jaren op hoofdlijnen.

De begroting van de eerste 2 jaren bevat:

  • Een onderbouwd overzicht van de geraamde kosten en opbrengsten per activiteit.
  • Het gedifferentieerde uurtarief per categorie medewerker of functieniveau, met een specificatie van het aantal verwachte uren per functieniveau.
  • De compensatie voor de klankbordgroep en in te schakelen ervaringsdeskundigen, sleutelfiguren en andere externen.

De begroting van de laatste 2 jaren bevat in ieder geval een globaal overzicht van de geraamde kosten en opbrengsten per activiteit, voor zover deze betrekking hebben op de laatste 2 jaren.

Hoogte subsidie

De hoogte van de subsidie is maximaal 4 miljoen euro. Er wordt subsidie toegekend aan maximaal 1 alliantie.

Subsidie aanvragen

U kunt subsidie aanvragen van 22 oktober 2026 tot en met 17 december 2026. Aanvragen buiten deze periode worden geweigerd. U vraagt subsidie aan via het Subsidieplatform. Na het inloggen selecteert u de subsidieregeling Mannenalliantie tegen gendergerelateerd geweld en femicide 2027-2031.

Belangrijke data

Aanvraagperiode

22 oktober 2026 tot en met 17 december 2026

Besluit

Uiterlijk 18 maart 2027                                      

Voortgangsrapportage indienen

Jaarlijks in de maand februari

Tussentijdse evaluatie

Start 18 juni 2028

Einde activiteitenperiode

Uiterlijk 18 maart 2031

Activiteitenverslag indienen

Uiterlijk 19 augustus 2031

Na uw aanvraag

Wij beoordelen de binnengekomen aanvragen op basis van het beoordelingskader. De aanvraag die aan alle vereisten voldoet en de meeste punten behaalt, ontvangt de beschikbare middelen. Uiterlijk 18 maart 2027 ontvangt u ons besluit over uw aanvraag. U kunt deze datum als startdatum van het project aanhouden.

Meldingsplicht bij wijzigingen

Zijn er activiteiten die u niet, niet op tijd of niet volledig kunt uitvoeren? Of verandert er iets aan uw situatie? Dan moet u dit schriftelijk aan ons melden. Doe dit zo snel mogelijk. Let op: we kunnen de subsidie verlagen als u niet aan de meldingsplicht voldoet.

Voortgangsrapportage

Na het eerste, tweede en derde jaar dient de penvoerder een voortgangsrapportage in. In de voortgangsrapportage toont u aan dat u voldoet aan de subsidieverplichtingen, en beschrijft u hoe de voorgenomen activiteiten uit het activiteitenplan zijn uitgevoerd. Bij de tweede voortgangsrapportage dient u ook een uitgewerkt plan van aanpak en een uitgewerkte begroting voor het derde jaar in. Bij de derde voortgangsrapportage doet u dit voor het vierde en laatste jaar.

Tussentijdse evaluatie

De alliantie is verplicht om mee te werken aan een externe tussentijdse evaluatie. De tussentijdse evaluatie zal ingaan op de voortgang, kwaliteit, doelmatigheid, en effectiviteit van het plan van aanpak en de gesubsidieerde activiteiten. Hierover ontvangt u nog aanvullende informatie. De minister kan op basis van de tussentijdse evaluatie de subsidie voor de resterende periode aanpassen of intrekken.

Subsidie verantwoorden

Heeft u subsidie ontvangen? Dan moet u deze na afloop verantwoorden. Dit houdt in dat u laat zien dat alle activiteiten zijn uitgevoerd en dat u aan alle verplichtingen heeft voldaan. U verantwoordt de subsidie binnen 22 weken na het einde van de projectperiode door middel van een taak in het Subsidieplatform. De verantwoording bestaat uit een activiteitenverslag, een financieel verslag en een controleverklaring. De controleverklaring wordt opgesteld door een accountant.

Meer informatie

Alle informatie staat in de regeling.

Heeft u vragen? Neem contact met ons op. U ontvangt binnen 2 werkdagen een reactie.