Deze subsidieregeling is bedoeld om de kwaliteit van het primair onderwijs en voortgezet onderwijs duurzaam te verbeteren. Met deze subsidie voor schooljaar 2026/2027 kunnen leraren en schoolleiders de ontwikkeling van hun leerlingen en hun eigen vakmanschap versterken. Dit gebeurt via het programma Ontwikkelkracht, dat de kracht van de onderwijspraktijk verbindt met inzichten uit onderzoek.
U kunt subsidie aanvragen van 9 maart 2026 vanaf 9.00 uur tot en met 26 juni 2026 om 16.00 uur.
Programma Ontwikkelkracht
Het programma Ontwikkelkracht bestaat uit 4 pijlers:
- Het opzetten en versterken van een onderzoeks- en verbetercultuur op scholen.
- Kennisdeling door wat uit onderwijsonderzoek al bekend is beter vindbaar te maken en beter te benutten.
- Het ontwikkelen van kansrijke werkwijzen voor de grote onderwijsknelpunten in co-creatielabs samen met onderzoekers en onderwijsprofessionals.
- De ontwikkeling van een netwerk van expertisescholen met expertschoolleiders en expertleraren. Expertisescholen helpen andere scholen met het vinden van oplossingen voor knelpunten in het onderwijs door evidence-informed te werken.
Voor wie
Een bevoegd gezag kan voor een of meerdere vestigingen subsidie aanvragen voor deelname aan een of meerdere activiteiten van het programma Ontwikkelkracht.
Activiteiten waar u subsidie voor kan aanvragen
Hieronder staan alle activiteiten waarvoor subsidie beschikbaar is. Een bevoegd gezag dat subsidie wil aanvragen, voert voorafgaand aan de aanvraag een informatiegesprek met het programmabureau of neemt voorafgaand aan de aanvraag deel aan een informatiebijeenkomst.
Vestigingen die al werken met een effectieve en wetenschappelijk-onderbouwde aanpak, dit cyclisch hebben geborgd en die bereid en in staat zijn dit over te dragen aan vestigingen die nog niet zover zijn, kunnen expertiseschool Ontwikkelkracht worden. Deze vestigingen worden ondersteund om andere vestigingen te helpen deze aanpak te implementeren. Expertisescholen zijn ambassadeur van evidence-informed werken en vervullen de rol van opleider voor andere vestigingen. Andere vestigingen die nog niet zover zijn, kunnen dan leren ook op deze manier te gaan werken in de context van hun eigen vestiging. Zowel kennis als vaardigheden worden gedeeld.
Aspirant-traject expertisescholen
Als een vestiging is geselecteerd om aspirant-expertiseschool te worden, vormt de vestiging een expertteam bestaande uit zowel de leraren die de aanpak dragen als de schoolleider en de intern begeleider (indien van toepassing). Dit team krijgt vanuit Ontwikkelkracht tijd en begeleiding om in een jaar tijd de aanpak deelbaar te maken en het jaar daarna teams van onderwijsprofessionals te begeleiden en te professionaliseren om die aanpak ook op hun vestiging te implementeren.
Concreet betekent dit dat het expertteam in het aspirant-jaar:
- De aanpak borgt op de eigen vestiging. Dat betekent dat de aanpak/methodiek goed staat beschreven in de eigen schoolplannen en kwaliteitskaarten, dat de aanpak door de hele school consequent en consistent wordt uitgevoerd/ingezet.
- De aanpak algemener maakt en op een heldere manier beschrijft. Wat zijn de werkzame elementen, wat is er voor nodig om die aanpak in te zetten en wat vraagt dat aan randvoorwaarden van de vestiging en vaardigheden van de leraren en schoolleiders die met de aanpak gaan werken.
- De aanpak deelbaar maakt. Het expertteam maakt bijvoorbeeld materialen voor het professionaliserings- en begeleidingsaanbod, filmt lessen waarin de aanpak wordt ingezet om te gebruiken als voorbeeldles, selecteert literatuur voor leraren om de aanpak in te kunnen zetten, of maakt presentaties en readers.
Aantal deelnemende onderwijsprofessionals per vestiging
Per vestiging moeten minimaal 4 onderwijsprofessionals deelnemen aan de activiteiten, waarvan minimaal 1 schoolleider.
Informatiegesprek
Voordat u voor deze activiteit subsidie kunt aanvragen vindt een informatiegesprek plaats met het programmabureau van Ontwikkelkracht. Tijdens dit gesprek vertelt het bevoegd gezag welke behoeften en vragen er leven bij de betreffende vestiging(en). Het programmabureau helpt vervolgens de hulpvraag specifieker en duidelijker te maken. Het kan dus zijn dat uit dit gesprek blijkt dat een ander traject beter past bij de hulpvraag dan eerder gedacht. Via een intakeformulier kunt u een afspraak maken voor dit gesprek. Bij uw aanvraag stuurt u een verslag van dit gesprek mee.
Onderzoeks- en verbetercultuur
Wanneer een of meerdere schoolteams een onderzoeks- en verbetercultuur wil realiseren waar de leerlingen van profiteren, en de teams willen hier gedurende het traject in investeren, dan kunnen zij kiezen voor deelname aan een werkwijze gericht op het versterken van een onderzoeks- en verbetercultuur. Omdat het om een intensief traject gaat, checkt het programmabureau Ontwikkelkracht of de school aan een aantal basisvoorwaarden voor deelname kan voldoen. Deze voorwaarden staan in artikel 9c.3 van de subsidieregeling.
Meerdere aanbieders werken binnen het programma Ontwikkelkracht met vestigingen aan de onderzoeks- en verbetercultuur. Op basis van de vraag van de vestiging en de beschikbare capaciteit bij de aanbieders, kan het programmabureau een vestiging adviseren om voor een bepaalde aanbieder te kiezen. De aanbieders voeren ook een gesprek of gesprekken met een vestiging die interesse heeft in een traject. De school en aanbieder formuleren samen hun ontwikkelingsdoel en stellen een activiteitenplan op. Na toekenning van de subsidie begeleidt de aanbieder de school met de uitvoering van het activiteitenplan.
Bij grotere vestigingen in het vo en het po is een schooljaar onvoldoende om de teams te laten profiteren van het onderzoeks- en verbetercultuurtraject. Een cultuurverandering in grotere schoolorganisaties werkt het best met een gefaseerde aanpak, waarbij meerdere teams deels overlappend deelnemen in het verbetertraject. Daarom maakt de subsidieregeling het mogelijk dat bij vo vestigingen vanaf 80 medewerkers maximaal 3 teams van rond de 40 medewerkers subsidie kunnen aanvragen, binnen de termijn van 2 schooljaren. Ook bij po vestigingen vanaf 30 medewerkers is het mogelijk om met maximaal 3 teams van rond de 15 medewerkers subsidie aan te vragen, binnen de termijn van 2 schooljaren. Wanneer een vestiging groter is dan het maximum aantal teams dat gesubsidieerd kan deelnemen, kunnen de overige teams deelnemen op eigen kosten van de vestiging.
Als een vestiging deelneemt aan een onderzoeks- en verbetercultuurtraject, maakt zij tijd vrij voor de professionalisering van de lerarenteams en is zij verantwoordelijk voor het inroosteren van deze tijd. Daarnaast stelt de vestiging interne procesbegeleiders aan, die elk een lerarenteam begeleiden bij het traject. Deze procesbegeleiders en de schoolleiding vormen samen het implementatieteam van het traject en komen met regelmaat samen. De gemiddelde tijdbesteding op school is 2 uur per werkweek per deelnemer in de vestiging, waarbij de tijdsinvestering van de interne procesbegeleiders substantieel hoger is dan de tijdsinvestering van leraren en de schoolleiding.
Bijeenkomsten
Als een vestiging deelneemt aan een onderzoeks- en verbetercultuurtraject, is het de bedoeling dat die vestiging ook deelneemt aan regionale kennisdelingsbijeenkomsten die de aanbieders van de trajecten organiseren. Zowel de interne procesbegeleiders als de schoolleiding van de desbetreffende vestigingen moeten hieraan deelnemen. De procesbegeleiders en schoolleiding bezoeken de regionale en landelijke kennisdelings- en inspiratiebijeenkomsten. Deze gaan zowel over het creëren van een onderzoeks- en verbetercultuur als over onderwijsinhoud.
Tijdens deze bijeenkomsten, waar mogelijk in samenwerking met expertisescholen, wisselen interne procesbegeleiders en schoolleiders van vestigingen uit de regio ervaringen uit over hun traject, worden successen gevierd en helpt men elkaar om problemen te overwinnen rondom het proces van innoveren. Hierbij is primair aandacht voor het proces van het bouwen aan een onderzoeks- en verbetercultuur en de ontwikkelstappen met bijbehorend instrumentarium, maar ook aandacht voor de inhoudelijke kant van de verschillende trajecten. Verder is er ruimte voor kennisdeling door experts en ervaringsdeskundigen uit bestaande landelijke en regionale netwerken. Ook onderzoekers worden bij deze bijeenkomsten betrokken zodat wetenschap en praktijk elkaar kunnen versterken. Het leren van elkaar gebeurt sectoroverstijgend. Hierbij worden diverse werkvormen gebruikt waar goede resultaten mee zijn behaald. De intern procesbegeleiders en schoolleiders nemen inspiratie, nieuwe kennis en concrete acties terug mee naar school. Jaarlijks zijn er in totaal 4 regionale bijeenkomsten.
Interne procesbegeleiders
Voor de activiteiten moeten interne procesbegeleiders worden aangesteld, die elk een lerarenteam begeleiden bij het traject.
Aantal deelnemende onderwijsprofessionals per vestiging
In het primair onderwijs moeten minimaal 15 onderwijsprofessionals per vestiging deelnemen aan de activiteiten. Werken er minder dan 15 onderwijsprofessionals op de vestiging? Dan moeten alle onderwijsprofessionals deelnemen aan de activiteiten, behalve de onderwijsprofessionals met een aanstelling van minder dan 1 dag per week.
In het voortgezet onderwijs moeten minimaal 40 onderwijsprofessionals per vestiging deelnemen aan de activiteiten. Werken er minder dan 40 onderwijsprofessionals op de vestiging? Dan moeten alle onderwijsprofessionals deelnemen aan de activiteiten, behalve de onderwijsprofessionals met een aanstelling van minder dan 1 dag per week. Werken er meer dan 80 onderwijsprofessionals op de vestiging? Dan mogen maximaal 3 schoolteams van minimaal 40 onderwijsprofessionals deelnemen aan de activiteiten.
Activiteitenverslag
U stuurt u uiterlijk 1 februari 2028 een activiteitenverslag naar DUS-I waarin u verslag doet van de uitgevoerde activiteiten waar u subsidie voor heeft ontvangen.
Informatiegesprek en intakegesprek
Voordat u voor deze activiteit subsidie kunt aanvragen vindt een informatiegesprek plaats met het programmabureau van Ontwikkelkracht. Tijdens dit gesprek vertelt het bevoegd gezag welke behoeften en vragen er leven bij de betreffende vestiging(en). Het programmabureau helpt vervolgens de hulpvraag specifieker en duidelijker te maken. Het kan dus zijn dat uit dit gesprek blijkt dat een ander traject beter past bij de hulpvraag dan eerder gedacht. Via een intakeformulier kunt u een afspraak maken voor dit gesprek. Bij uw aanvraag stuurt u een verslag van dit gesprek mee. Daarnaast vindt een intakegesprek plaats met de aanbieder van het onderzoeks- en verbetercultuurtraject.
Vestigingen die al werken met een effectieve en wetenschappelijk-onderbouwde aanpak, dit cyclisch hebben geborgd en die bereid en in staat zijn dit over te dragen aan vestigingen die nog niet zover zijn, kunnen expertiseschool Ontwikkelkracht worden. Deze vestigingen worden ondersteund om andere vestigingen te helpen deze aanpak te implementeren. Expertisescholen zijn ambassadeur van evidence-informed werken en vervullen de rol van opleider voor andere vestigingen. Andere vestigingen die nog niet zover zijn, kunnen dan leren ook op deze manier te gaan werken in de context van hun eigen vestiging. Zowel kennis als vaardigheden worden gedeeld.
Deelname aan leertraject expertiseschool
Het kernteam van een expertiseschool biedt een of meerdere leertrajecten aan in de regio waarmee andere vestigingen kennis kunnen nemen van de werkwijze of aanpak. De lerende scholen worden onder begeleiding van de expertiseschool in staat gesteld om de werkwijze of aanpak in hun eigen organisatie en context te implementeren. Vestigingen die een verbetervraag hebben die aansluit bij de aanpak van die expertiseschool kunnen zich intekenen voor het volgen van een leertraject. Naast het aanbieden van een of meerdere leertrajecten verzorgt de expertiseschool ook andere activiteiten om de expertise van de vestiging te delen. Hierbij kan gedacht worden aan sessies op congressen, lezingen, webinars of werkbezoeken.
De lerarenopleidingen, lectoren en onderwijswetenschappers zijn betrokken als experts/ondersteuners om het leertraject of de aangeboden kennisdeling nader vorm te geven en aan te scherpen.
Aantal deelnemende onderwijsprofessionals per vestiging
Per vestiging moeten minimaal 5 onderwijsprofessionals deelnemen aan de activiteiten, waarvan minimaal 1 schoolleider.
Informatiegesprek en intakegesprek
Voordat u voor deze activiteit subsidie kunt aanvragen vindt een informatiegesprek plaats met het programmabureau van Ontwikkelkracht. Tijdens dit gesprek vertelt het bevoegd gezag welke behoeften en vragen er leven bij de betreffende vestiging(en). Het programmabureau helpt vervolgens de hulpvraag specifieker en duidelijker te maken. Het kan dus zijn dat uit dit gesprek blijkt dat een ander traject beter past bij de hulpvraag dan eerder gedacht. Via een intakeformulier kunt u een afspraak maken voor dit gesprek. Bij uw aanvraag stuurt u een verslag van dit gesprek mee. Daarnaast vindt een intakegesprek plaats met de expertiseschool die een leertraject aanbiedt.
In de co-creatielabs werken onderwijsprofessionals en onderzoekers samen aan nieuwe effectieve aanpakken. De twee eerste co-creatielabs richten zich op taal en het duurzaam aantrekken, professionaliseren en behouden van leraren: het Taal Lab NL en het Teacher Lab NL. Education Lab Netherlands zet deze labs op en voert deze uit.
Co-creërende vestigingen
Co-creërende vestigingen hebben leraren met aantoonbare expertise op het thema van de co-creatielabs en zijn bereid deze expertise verder uit te bouwen in samenwerking met wetenschappers en expertleraren van andere vestigingen. De expertleraren van de deelnemende vestigingen krijgen een actieve rol in de co-creatie van effectieve aanpakken voor hun sector. Met andere expertleraren werken zij nauw samen met onderzoekers. Hun taken betreffen onder meer vraagarticulatie en diagnose van de uitdagingen waar het co-creatie lab zich op richt. Daarnaast ontwerpen ze in het lab in co-creatie effectieve aanpakken, proberen deze interventie op kleine schaal uit in een pilot op de eigen vestiging en andere vestigingen, evalueren de pilot en stellen de interventie in co-creatie bij.
Concreet betekent dit dat een co-creërende vestiging:
- Ervoor zorgt dat onderwijsprofessionals worden vrijgemaakt om deel te nemen aan het co-creatielab.
- De schoolleider de deelname mogelijk maakt en verbindt met het schoolbeleid.
- De vestiging de verder ontwikkelde interventie in pilotvorm op de eigen vestiging implementeert.
- De vestiging actief deelneemt aan de monitoring en evaluatie van de implementatie.
- De deelnemende onderwijsprofessional de kennis over de ontwikkelde effectieve aanpakken deelt met andere vestigingen.
Daarnaast moet u meewerken aan monitoring van de implementatie van de aanpak en het in kaart brengen van de effecten. Ook moet u ervoor zorgen dat een leraar of intern procesbegeleider de implementatie van de aanpak uit het co-creatielab begeleidt.
Het uitgangspunt is dat co-creërende vestigingen 3 schooljaren deelnemen in de labs. Daartoe wordt na ieder schooljaar een evaluatiegesprek gevoerd, waarvan u een verslag moet meesturen bij de subsidieaanvraag voor het daaropvolgende schooljaar.
Aantal deelnemende onderwijsprofessionals per vestiging
Per vestiging moeten minimaal 2 onderwijsprofessionals deelnemen aan de activiteiten.
Informatiegesprek en intakegesprek
Voordat u voor deze activiteit subsidie kunt aanvragen vindt een informatiegesprek plaats met het programmabureau van Ontwikkelkracht. Tijdens dit gesprek vertelt het bevoegd gezag welke behoeften en vragen er leven bij de betreffende vestiging(en). Het programmabureau helpt vervolgens de hulpvraag specifieker en duidelijker te maken. Het kan dus zijn dat uit dit gesprek blijkt dat een ander traject beter past bij de hulpvraag dan eerder gedacht. Via een intakeformulier kunt u een afspraak maken voor dit gesprek. Bij uw aanvraag stuurt u een verslag van dit gesprek mee. Daarnaast vindt een intakegesprek plaats met Education Lab Netherlands.
Evaluatiegesprek
Vraagt u subsidie aan voor een vestiging die in het schooljaar 2023/2024 heeft deelgenomen als een co-creërende vestiging aan een co-creatielab? Dan vindt voordat u voor deze activiteit subsidie kunt aanvragen een evaluatiegesprek plaats met Education Lab Netherlands. Bij uw aanvraag stuurt u een verslag van dit gesprek mee.
Aanvragen als samenwerking
U kunt voor deze activiteit ook subsidie aanvragen als penvoerder namens een samenwerking van maximaal 5 vestigingen. Bij uw aanvraag moet een samenwerkingsovereenkomst worden meegestuurd. U vindt het format op onze webpagina.
In de co-creatielabs werken onderwijsprofessionals en onderzoekers samen aan nieuwe effectieve aanpakken. De twee eerste co-creatielabs richten zich op taal en het duurzaam aantrekken, professionaliseren en behouden van leraren: het Taal Lab NL en het Teacher Lab NL. Education Lab Netherlands zet deze labs op en voert deze uit.
Deelnemende vestigingen
Deelnemende vestigingen die deelnemen aan een co-creatie lab nemen actief deel aan het traject van vraagarticulatie en denken mee over kansrijke aanpakken op het thema van het lab. Ze nemen actief deel aan de labdagen, waar ze praktijkexpertise inbrengen, bevindingen helpen duiden en meedenken over kansrijke aanpakken op het thema van het lab. Daarnaast denken ze mee over ontwerp van kansrijke pilots.
Concreet betekent dit dat een deelnemende vestiging:
- Actief deelneemt aan de labdagen.
- Actief deelneemt aan het traject van vraagarticulatie.
- Meedenkt over relevante en kansrijke interventies.
- Meewerkt aan het ontwerp van kansrijke interventies.
- Bereid is in de toekomst een (deel van een) kansrijke interventie op de eigen vestiging uit te proberen.
- Ervoor zorgt dat de deelnemende onderwijsprofessional de expertise op het thema van het lab deelt met de rest van het schoolteam.
- De schoolleider de deelname mogelijk maakt.
Daarnaast moet u meewerken aan monitoring van de implementatie van de aanpak en het in kaart brengen van de effecten. Ook moet u ervoor zorgen dat een leraar of intern procesbegeleider de implementatie van de aanpak uit het co-creatielab begeleidt.
Aantal deelnemende onderwijsprofessionals per vestiging
Per vestiging moet minimaal 1 interne procesbegeleider deelnemen aan de activiteiten.
Informatiegesprek en intakegesprek
Voordat u voor deze activiteit subsidie kunt aanvragen vindt een informatiegesprek plaats met het programmabureau van Ontwikkelkracht. Tijdens dit gesprek vertelt het bevoegd gezag welke behoeften en vragen er leven bij de betreffende vestiging(en). Het programmabureau helpt vervolgens de hulpvraag specifieker en duidelijker te maken. Het kan dus zijn dat uit dit gesprek blijkt dat een ander traject beter past bij de hulpvraag dan eerder gedacht. Via een intakeformulier kunt u een afspraak maken voor dit gesprek. Bij uw aanvraag stuurt u een verslag van dit gesprek mee. Daarnaast vindt een intakegesprek plaats met Education Lab Netherlands.
Vestigingen die al werken met een effectieve en wetenschappelijk-onderbouwde aanpak, dit cyclisch hebben geborgd en die bereid en in staat zijn dit over te dragen aan vestigingen die nog niet zover zijn, kunnen expertiseschool Ontwikkelkracht worden. Deze vestigingen worden ondersteund om andere vestigingen te helpen deze aanpak te implementeren. Expertisescholen zijn ambassadeur van evidence-informed werken en vervullen de rol van opleider voor andere vestigingen. Andere vestigingen die nog niet zover zijn, kunnen dan leren ook op deze manier te gaan werken in de context van hun eigen vestiging. Zowel kennis als vaardigheden worden gedeeld.
Leertrajecten aanbieden aan lerende scholen
Als een aspirant-expertiseschool het eerste opleidingstraject succesvol heeft doorlopen en wanneer uit een evaluatie ook blijkt dat de aspirant-expertiseschool klaar is om als expertiseschool andere vestigingen te begeleiden, dan wordt de vestiging een expertiseschool voor die evidence-informed werkwijze of aanpak waar ze op zijn geselecteerd. Ze mogen zich vanaf dat moment Expertiseschool Ontwikkelkracht noemen en krijgen een vermelding op de website als Expertiseschool.
Aantal deelnemende onderwijsprofessionals per vestiging
Per vestiging moeten minimaal 4 onderwijsprofessionals deelnemen aan de activiteiten, waarvan minimaal 1 schoolleider.
Evaluatiegesprek
Vraagt u subsidie aan voor een vestiging die in het schooljaar 2025/2026 heeft deelgenomen aan het aspirant-traject expertisescholen? Dan vindt voordat u voor deze activiteit subsidie kunt aanvragen een evaluatiegesprek plaats met het programmabureau Ontwikkelkracht. Bij uw aanvraag stuurt u een verslag van dit gesprek mee.
Eén en dezelfde vestiging kan geen subsidie aanvragen voor:
- Deelname aan zowel een onderzoeks- en verbetercultuurtraject als deelname aan het aspirant-traject expertisescholen of het als expertiseschool aanbieden van leertrajecten aan lerende scholen.
- Deelname aan zowel een onderzoeks- en verbetercultuurtraject als deelname als een co-creërende vestiging aan een co-creatielab.
- Deelname aan zowel het aspirant-traject expertisescholen als het als expertiseschool aanbieden van leertrajecten aan lerende scholen.
Belangrijke voorwaarden
- Voordat een bevoegd gezag subsidie kan aanvragen, moeten eerst één of meerdere gesprekken zijn gevoerd. Meer informatie vindt u bij de toelichting onder elke activiteit waar u subsidie voor kan aanvragen.
- Heeft u in 2024 subsidie ontvangen? Dan moeten de activiteiten worden uitgevoerd tijdens schooljaar 2024/2025. Heeft u in 2025 subsidie ontvangen? Dan moeten de activiteiten worden uitgevoerd tijdens schooljaar 2025/2026.
- U deelt actief uw kennis met andere vestigingen.
Subsidiebedrag
Voor de activiteiten zijn per vestiging de volgende subsidiebedragen beschikbaar:
- Deelname aan het aspirant-traject expertisescholen: €94.217
- Deelname aan een onderzoeks- en verbetercultuurtraject: €41.580 (primair onderwijs) of €110.880 (voortgezet onderwijs)
- Als lerende school deelnemen aan het leertraject van een expertiseschool: €25.200
- Als co-creërende vestiging deelnemen aan een co-creatielab: €99.162
- Als deelnemende vestiging deelnemen aan een co-creatielab: €4.958
- Als expertiseschool leertrajecten aanbieden aan lerende scholen: €47.116 + €11.779 per aangeboden leertraject per lerende school
Budget
Voor de aanvraagronde in 2026 is een budget beschikbaar van in totaal € 20.383.644. Voor de activiteiten zijn de volgende budgetten beschikbaar:
- Deelname aan het aspirant-traject expertisescholen: € 1.413.255 voor maximaal 5 po-vestigingen en 10 vo-vestigingen.
- Deelname aan een onderzoeks- en verbetercultuurtraject: € 11.781.000 voor maximaal 78 po-vestigingen en 77 vo-vestigingen.
- Als lerende school deelnemen aan het leertraject van een expertiseschool: € 3.024.000 voor maximaal 33 po-vestigingen en 87 vo-vestigingen.
- Als co-creërende vestiging deelnemen aan een co-creatielab: € 991.615 voor maximaal 5 vestigingen per co-creatielab en in totaal voor maximaal 10 vestigingen.
- Als deelnemende vestiging deelnemen aan een co-creatielab: € 817.994 voor in totaal maximaal 165 vestigingen.
- Als expertiseschool leertrajecten aanbieden aan lerende scholen: € 2.355.780 voor in totaal maximaal 20 vestigingen.
Subsidie aanvragen
U kunt subsidie aanvragen van 9 maart 2026 vanaf 9.00 uur tot en met 26 juni 2026 om 16.00 uur.
Wij kennen de subsidie toe op volgorde van binnenkomst van complete aanvragen. Dus: wie het eerst komt, het eerst maalt.
Is uw aanvraag niet compleet? Dan krijgt u maximaal 2 weken de tijd om uw aanvraag alsnog compleet te maken. Is uw aanvraag dan nog steeds niet compleet? Dan wordt uw aanvraag afgewezen.
Na uw aanvraag ontvangt u binnen 13 weken een besluit.
Meldingsplicht bij wijzigingen
Zijn er activiteiten die u niet, niet op tijd of niet volledig kunt uitvoeren? Of verandert er iets aan uw situatie? Bijvoorbeeld als in uw vestiging 2 of meer onderwijsprofessionals door onvoorziene omstandigheden niet deelnemen aan de activiteiten. Dan moet u dit aan ons melden. Doe dit zo snel mogelijk.
Let op: Wij kunnen uw subsidie verlagen als u niet aan de meldingsplicht voldoet.
Subsidie verantwoorden
Heeft u subsidie ontvangen? Dan moet u na afloop laten zien dat u aan alle voorwaarden van de regeling hebt voldaan. Voor de verantwoording is het volgende goed om te weten:
- U verantwoordt de subsidie in de jaarverslaggeving volgens de regeling Jaarverslaggeving onderwijs.
- We doen een steekproef om te controleren of de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn uitgevoerd. En of is voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidie verbonden zijn.
- Het bevoegd gezag werkt mee aan monitoring en evaluatie.
Meer informatie
Alle informatie staat in de regeling, de eerste wijzigingsregeling en de tweede wijzigingsregeling. Bekijk ook de samengevoegde regeling waarin de wijzigingen zijn verwerkt.
Heeft u vragen? Neem contact met ons op. U ontvangt binnen 2 werkdagen een reactie.