Wat als het leven plotseling op zijn kop staat? Wanneer iemand ernstig ziek wordt, te horen krijgt dat genezing niet meer mogelijk is of een naaste verliest? Op zulke momenten ontstaan vaak vragen waarop geen medisch antwoord bestaat. Wat vind ik nog belangrijk? Hoe wil ik de tijd die mij rest invullen? Waar haal ik de kracht vandaan om verder te gaan?

Geestelijke verzorging helpt mensen om juist bij die vragen stil te staan. Het Centrum voor Levensvragen Midden-Nederland biedt begeleiding aan mensen van 50 jaar en ouder en aan mensen in de palliatieve fase en hun naasten. Dit doen zij met behulp van de subsidieregeling Palliatieve terminale zorg en geestelijke verzorging thuis van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Geestelijk verzorgers luisteren, stellen vragen en helpen mensen om opnieuw betekenis en houvast te vinden. “Wij komen niet met kant-en-klare antwoorden”, vertelt Robin Zuidam, manager bij het Centrum voor Levensvragen. “Naast het luisteren en de juiste vragen stellen, zijn geestelijk verzorgers toegerust met het gebruik van diverse werkvormen en rituelen die zij in kunnen zetten.”

Meer dan een luisterend oor

Geestelijke verzorging is voor veel mensen nog onbekend. Ook bestaat er soms verwarring met psychologische hulpverlening of coaching. Toch is geestelijke verzorging een eigen vakgebied. Geestelijk verzorgers begeleiden mensen bij levensvragen en situaties waarin de grond onder hun voeten lijkt weg te vallen.

Levensvragen kunnen groot zijn: Waarom overkomt mij dit? Hoe moet ik verder nu ik ernstig ziek ben? Wat betekent mijn leven nog? Maar ze kunnen ook ontstaan door verlies van werk, eenzaamheid, veranderende omstandigheden of het gevoel geen richting meer te hebben. “Iedereen heeft wel een kijk op het leven en op wat belangrijk is”, legt Robin uit. “Dat zegt iets over hoe je jezelf in het leven positioneert.” Dat betekent ook dat geestelijke verzorging niet gebonden is aan een religie. Het Centrum voor Levensvragen werkt met geestelijk verzorgers met verschillende achtergronden. Als iemand bijvoorbeeld behoefte heeft aan gebed of begeleiding vanuit een specifieke religieuze traditie, wordt gekeken naar een passende geestelijk verzorger. “We komen niet vanuit onze eigen levensbeschouwing bij iemand binnen”, benadrukt Robin. “We kijken altijd of er een goede match is.”

"Ze ervaren betekenis en verbinding doordat ze met anderen dieper ingaan op vragen die er echt toe doen."

Zingeving als onderdeel van goede zorg

De subsidie maakt het mogelijk dat geestelijk verzorgers niet alleen individuele gesprekken voeren. Zij sluiten ook aan bij multidisciplinaire overleggen waarin zorgprofessionals patiënten bespreken. Huisartsen, wijkverpleegkundigen en andere professionals kijken daarbij vaak vanuit hun eigen deskundigheid naar de situatie van een patiënt. De geestelijk verzorger brengt een ander perspectief in. Bijvoorbeeld: wat betekent deze situatie voor deze persoon?

Margriet Wanders, die als netwerkcoördinator palliatieve zorg werkte, zag hoe waardevol dat kan zijn. “Een geestelijk verzorger kan tijdens zo’n overleg zeggen: Hebben jullie hier wel op gelet? Wat is nu echt belangrijk voor deze persoon?” Dat kan de blik op een patiënt veranderen. Want wat voor de één essentieel is, hoeft dat voor de ander helemaal niet te zijn. De ene persoon wil bijvoorbeeld iedere week graag naar een bridgeavond blijven gaan omdat hij daar zijn vrienden nog ziet, terwijl een ander vooral zingeving vindt in de natuur of in het contact met de kleinkinderen. Als er keuzes gemaakt moeten worden, is het daarom belangrijk om te weten wat diegene wil kunnen blijven doen. “Zo kijk je naar de hele mens”, zegt Robin. “Zingeving is een essentieel onderdeel van goede palliatieve zorg.”

De geestelijk verzorgers geven daarom ook trainingen aan zorgprofessionals en vrijwilligers. Zij leren hoe ze zingevingsvragen kunnen herkennen en hoe ze op een natuurlijke manier een gesprek daarover kunnen beginnen. Een wijkverpleegkundige die iemand thuis helpt, heeft bijvoorbeeld regelmatig een intiem moment met een cliënt. Een vraag over een foto op het nachtkastje kan dan een belangrijk gesprek op gang brengen. “Wie zijn dat op de foto? Wat betekenen zij voor u?” geeft Margriet als voorbeeld. “Zo ontstaat soms een heel mooi gesprek.”

Professionals leren bovendien wanneer het verstandig is om door te verwijzen. In het zogenoemde ABC-model (aandacht, begeleiding en complex of crisis) staat de geestelijk verzorger vooral klaar wanneer vragen complex worden of wanneer iemand in een crisis terechtkomt. Aandacht en eenvoudige begeleiding kunnen vaak al door mensen in de omgeving of door andere professionals worden geboden. Maar wanneer iemand echt vastloopt, kan gespecialiseerde geestelijke verzorging het verschil maken.

Beeld: © Getty Images / Pressmaster

Van ontmoeting naar betekenis

Een ander voorbeeld van wat de subsidie mogelijk maakt, zijn zingevingsgroepen voor ouderen. Op verschillende locaties komen mensen regelmatig bij elkaar om te praten over onderwerpen die ertoe doen: eenzaamheid, het verlies van mogelijkheden, gezondheid en vitaliteit. “Het is veel meer dan een gezellig praatgroepje”, vertelt Robin. “Ze ervaren betekenis en verbinding doordat ze met anderen dieper ingaan op vragen die er echt toe doen.”

Een geestelijk verzorger begeleidt de gesprekken en zorgt ervoor dat iedereen aan bod komt. Juist in een samenleving waarin mensen steeds individualistischer leven, kan zo’n groep een belangrijke plek zijn om ervaringen te delen en opnieuw verbinding te ervaren. De persoonlijke begeleiding kan ondertussen voor individuele cliënten van grote betekenis zijn. “We krijgen in onze impactmetingen bijna alleen maar achten, negens en tienen”, zegt Robin. “Mensen geven aan dat ze door de gesprekken weer een weg vinden in het leven.”

"De aandacht voor zingeving is geen toegevoegde waarde. Het is een kernwaarde van het menselijk bestaan."

De behoefte groeit

Sinds 2019 bestaat de subsidieregeling voor geestelijke verzorging thuis. In die jaren is het Centrum voor Levensvragen opgebouwd en heeft het steeds meer bekendheid gekregen bij inwoners en verwijzers, zoals huisartsen en wijkverpleegkundigen. Inmiddels zijn er vijftien centra in Nederland. Volgens Robin en Margriet is juist nu het moment waarop de opgebouwde infrastructuur zijn waarde laat zien. Tegelijkertijd merken zij dat de vraag naar geestelijke verzorging groter wordt dan de beschikbare middelen. Soms moeten mensen wachten of kan een hulpvraag niet direct worden opgepakt. Dat raakt volgens Robin niet alleen de organisaties. “Ik denk aan die ontredderde persoon thuis die eindelijk de moed heeft verzameld om te bellen. En dan moet je zeggen: ‘Sorry, we hebben even geen geld meer voor u.’ Dat is een heel gekke en nare boodschap.”

Ook jongeren zouden volgens hem baat hebben bij geestelijke verzorging, bijvoorbeeld jongeren die door wachtlijsten in de ggz moeilijk hulp kunnen krijgen en worstelen met vragen over hun toekomst en hun plek in de wereld. Voor deze doelgroep bestaan projecten, maar die zijn vaak afhankelijk van tijdelijke financiering.

Van tijdelijk project naar blijvende voorziening

Juist daar ligt volgens Robin en Margriet een belangrijke les. Projectsubsidies kunnen helpen om nieuwe vormen van ondersteuning uit te proberen. Maar als blijkt dat zo’n aanpak werkt en mensen er daadwerkelijk mee geholpen zijn, zou er ook ruimte moeten zijn om die ondersteuning structureel voort te zetten. “De aandacht voor zingeving is geen toegevoegde waarde”, zegt Robin. “Het is een kernwaarde van het menselijk bestaan.” Volgens hem hebben mensen die weer houvast vinden soms ook minder andere ondersteuning nodig. Die effecten zijn niet altijd eenvoudig in euro’s uit te drukken, maar zijn in de praktijk wel zichtbaar.

Daarom is continuïteit belangrijk. En misschien ook een fysieke plek waar mensen terechtkunnen. Het Centrum voor Levensvragen werkt nu vooral als een platform voor aangesloten geestelijk verzorgers. Een laagdrempelige plek in de buurt, waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en waar zorg, welzijn en zingeving samenkomen, zou volgens Margriet een mooie volgende stap zijn. “Zorg, welzijn en zingeving hebben elkaar nodig”, zegt Robin. “Hoe mensen de kwaliteit van hun leven ervaren kan daardoor verbeteren.”

Want uiteindelijk gaat geestelijke verzorging niet alleen over het naderende levenseinde. Het gaat over de vraag hoe mensen hun leven kunnen blijven leven, ook als alles anders wordt dan gedacht. Over wat van waarde is. En over de kracht die soms nog aanwezig is, wanneer iemand die zelf even niet meer kan zien.

Centrum voor levensvragen